‘Iets vermaken? De normaalste zaak van de wereld’

Een skinny jeans die je niet meer draagt. Een knotsgroot T-shirt dat niet lekker aansluit. Of een oude lap stof die je nog ergens had liggen. Vergeten, overbodig, gedateerd, niet meer passend. Dat is het materiaal waar Luna Gerritsma (24) en Oliwia Emilia Cwykiel (23) uit Harderwijk graag mee werken. De twee modespecialisten willen zoveel mogelijk mensen – en juist ook jongeren – inspireren en stimuleren om zelf aan de slag te gaan met hun garderobe. ‘Met kleine aanpassingen maak je iets dat helemaal bij jou past.’

De plek voor dit interview is Studio Blij, een winkel en naaiatelier aan de Hondegatstraat. Tevens de plek waar ze workshops verzorgen en graag mensen ontvangen om mee samen te werken. Want ze behoren overduidelijk tot een nieuwe generatie, die volop netwerkt en actief is op meerdere locaties. Daarover straks iets meer.

Want dit verhaal gaat vooral over ‘makers’. Over mensen die graag creëren en die daar – het woord zegt het al – volop hun creativiteit in kwijt kunnen. En nee, dan hoeft een smalle broek niet opeens weg omdat je liever een wijder model draagt. Luna en Oliwia maken de zijnaden open en zetten er een strook stof tussen. Met applicaties of andere versieringen krijgt de broek vervolgens een eigen uitstraling. ‘Hoe je dat doet, kan op duizend verschillende manieren’, zegt Luna. ‘En dat is juist het leuke: alles is uniek.’

Dat is upcyclen: van bestaande kleding of materialen iets nieuws maken. Beide makers werken zo, ieder met een eigen stijl. Luna houdt van kleurrijke, hippieachtige kleding. Oliwia zoekt het meer in de alternatieve punkhoek en werkt vaker met leer. Ze maakt ook kleding voor podiumartiesten. Toch lopen hun ideeën geregeld door elkaar. ‘Soms zie ik Luna een topje maken en denk ik: o ja, dat had ik ook kunnen doen’, zegt Oliwia. ‘We inspireren elkaar.’

Opgegroeid met hergebruik

Luna groeide op tussen de gevonden spullen waarmee haar ouders meubels en een veranda maakten. ‘Ik kijk niet eerst naar wat ik wil maken en welk materiaal ik daarvoor nodig heb. Ik kijk naar wat er is en bedenk wat ik daarmee kan.’ Zelfs knipafval bewaart ze, als vulling voor poefjes bijvoorbeeld. Op het Cibap volgde ze de opleiding creatief vakman textiel.

Oliwia kwam als kind vanuit Polen naar Nederland. Haar oma naaide; haar moeder kocht kleding bij de kringloop. ‘Bij mij was dat de normaalste zaak van de wereld.’ Na een middag samen naaien bij Luna thuis ontdekte ze hoeveel plezier het maken gaf. Na een modeopleiding ging ook zij naar het Cibap, waar ze dit jaar afstudeerde.

Begin in je eigen kast

Hun eerste tip: kijk wat je al hebt. ‘Wat heb je in je kast liggen? Wat draag je niet meer? Kun je daar iets aan doen?’ zegt Luna. Een ruim T-shirt kun je aan de binnenkant smaller naaien, ook met de hand. Koordjes helpen om kleding te laten aansluiten. Naai een lapje of badge op een broek, borduur op een blouse, probeer textielverf of vervang de knopen. Zo krijgt iets vertrouwds een andere uitstraling. Oliwia denkt ook aan later. Ze gebruikt koordjes om de pasvorm verstelbaar te maken en knipt extra stof bij ingenomen naden niet zomaar weg. Daardoor kan kleding weer ruimer worden als je lichaam verandert. Of als je het doorgeeft aan iemand anders.

Inspiratie vindt ze op Pinterest. Verzamel kleuren, vormen en details die je aanspreken in een moodboard. Een voorbeeld namaken mag: met jouw materialen wordt het toch anders. ‘Er zijn een heleboel handwerktechnieken die heel simpel zijn’, zegt Luna. Begin bijvoorbeeld met een kledingstuk dat je toch niet draagt. Dan kun je uitproberen wat een andere pasvorm, kleur of versiering doet. Kijk ook naar bruikbare restjes: misschien ligt jouw volgende detail al ergens thuis.

Langer dragen, minder verspillen

Door kleding te herstellen of aan te passen, blijft die langer bruikbaar. Stof, leer en restjes krijgen een bestemming in plaats van bij het afval te belanden. En wanneer je daardoor minder nieuwe kleding koopt, zijn ook minder nieuwe grondstoffen nodig. Dat scheelt de productie van stoffen en kleding, waarvoor water en energie nodig zijn, en het vervoer daarvan. De winst zit dus vooral in langer gebruiken wat er al is.

Oliwia kocht als tiener ook bij bekende modeketens. Ze begrijpt dat geld, tijd en ervaring meespelen. Nieuwe hemdjes kopen omdat je ze nodig hebt, is iets anders dan voortdurend trends volgen. Maar tweedehands zoeken of een vergeten kledingstuk vermaken is al een begin.

Samen maken

Hun werk reikt verder dan Studio Blij. De vriendinnen delen hun kennis in meerdere kringen en organisaties en werken samen op festivals. Daar combineren ze vintage kleding en eigen creaties met een naaiatelier waar bezoekers kleding kunnen laten aanpassen. Snel even een knoop of een rits herstellen. Daarnaast geeft Luna kinderen textielles en maakt Oliwia kleding voor podiumartiesten. Luna ziet hoe kinderen groeien: eerst weten ze nauwelijks wat ze willen maken, later brengen ideeën van anderen hen op eigen plannen. ‘Zo krijgen ze zelf steeds meer ideeën.’

Bij Studio Blij kun je ook met eigen kleding en een vraag langskomen, vertellen ze. Luna helpt graag ontdekken hoe iets uit je kast weer draagbaar wordt. Op die manier leer je niet alleen een techniek, maar merk je ook hoeveel werk en aandacht er in kleding zitten.

Een mooie creatie gezien, maar weinig budget? Oliwia nodigt jongeren uit om zelf aan de slag te gaan. ‘Kom lekker langs. Ik ga je helpen.’ Haar advies: ‘Gewoon proberen. Oefenen dus. Keer op keer. En je zult zien dat het steeds beter gaat.’